De zon verandert in een vuurvuur. De lucht wordt

zwaar met metaalstof. Mensen sterven aan het

licht. Het is de eerste keer dat de zon zichzelf

vernietigt. De regering verdwijnt. Overlevenden

vallen in paniek.

Een vrouw, bekend als de Vrouw, verscheen op tv.

Ze zei: "We moeten terug naar de natuur.

" Haar

stem was kalm, haar ogen leeg. De mensen

luisterden. Ze stopten met werken. Ze bouwden

schuilplaatsen onder de grond.

De Vrouw leidt een groep die de oude technologie

vertrouwt. Ze noemt het de "kennis van de

doden".

Ze gebruikt voorgerechten uit de jaren zestig.

Ze eet met vingers, niet met bestek. Ze weigert

elektriciteit. Ze zegt: "Technologie maakt ons

zwak."

Een man ontdekt een map in een verlaten bunker.

Hij herkent het handschrift van zijn vader. De

map bevat plannen voor een netwerk van

ondergrondse stroomcentrales. De plannen zijn

compleet. Ze tonen hoe de wereld weer kan worden

opgebouwd.

De man denkt aan zijn vader, die in de oorlog

verdwenen is. Hij weet dat zijn vader geen held

was. Hij was een technicus. Hij had het geheim

van de stroomcentrales gecombineerd met de

geschiedenis van de oorlog. Hij had het zelf

verbrand.

De Vrouw komt bij hem. Ze zegt: "Je moet kiezen

tussen het verleden en het heden." Ze geeft hem

een brief. De brief is van zijn vader. De brief

zegt: "Als je dit leest, is het al te laat. Maar

als je dit leest, betekent dat dat ik nog leef."

De man gaat naar de bunker. Hij vindt een tweede

map. De map bevat foto’s van de Vrouw. De foto’s

zijn oud. Ze staan naast zijn vader. Ze

glimlachen. De man weet nu dat de Vrouw zijn

moeder is.

Hij loopt naar de centrale. Hij drukt op een

knop. De stroomkegel begint te draaien. De lucht

verandert. De zon blijft branden, maar de wind

verandert. De mensen beginnen te ademen zonder

stof.

De Vrouw zegt niets. Ze kijkt naar de horizon.

De man vraagt: "Waarom heb je me dit laten

ontdekken?" Ze zegt: "Omdat je de keuze moest

maken. Niet ik."

De man blijft bij haar. De wereld is niet

volledig hersteld. De lucht is nog steeds zwaar.

De zon is nog steeds vuur. Maar er is stroom. Er

is hoop. De Vrouw kijkt naar hem. Ze zegt: "Je

bent mijn zoon."

De man zegt niets. Hij kijkt naar de lucht. De

zon brandt. De wind wisselt. De wereld is

veranderd. De technologie is niet verdwenen. De

mens is niet verloren. De Vrouw en hij lopen

samen naar het licht.