De kabel die de oceaan overspant, brengt

elektriciteit en communicatie naar de kolonie.

De stroom is zo nieuw dat het leidende klasse

niet weet hoe te reageren. Een ambtenaar uit de

stad komt opdracht om de technologie te

controleren. Hij ontdekt dat de kabel ook een

andere functie heeft: hij verandert mensen.

De eerste lichting die erdoorheen gaat, begint

met dromen over een land dat nooit bestond. Ze

herinneren zich details van een tijd die niet

hun eigen is. Het geheim blijkt ouder dan de

kabel zelf. Iemand heeft de techniek

gecombineerd met een oude wetenschap, die het

bewustzijn kan verplaatsen.

De ambtenaar wordt gedwongen om de kabel te

onderzoeken. Hij ontmoet een vrouw die al jaren

in de kabel werkt. Ze zegt dat ze geen eigen

herinneringen meer heeft. Ze herinnert zich

alleen de stroom. De ambtenaar probeert haar te

helpen, maar de kabel zet hem ook in het systeem.

Het land begint te veranderen. Mensen beginnen

zich te herinneren aan een ander leven. Sommigen

verliezen hun identiteit. Andere worden verward

door herinneringen die niet van hen zijn. De

regering probeert de kabel te sluiten, maar het

is te laat. De technologie heeft zich verspreid.

De ambtenaar ontdekt dat de kabel niet alleen

mensen verandert, maar ook de tijd. De

wederopbouw na de oorlog is een herhaling van

een oudere geschiedenis. Hij probeert het

systeem te vernietigen, maar de kabel is nu een

deel van het land zelf.

Hij keert terug naar de stad, maar niemand

herkent hem. Zelfs zijn eigen familie herinnert

zich niet dat hij ooit bestond. De kabel heeft

hem veranderd. Hij is nu een deel van iets

groter. Het land draait om een nieuw soort

verbondenheid — niet gebaseerd op herinnering,

maar op een gedeelde toekomst.