De stad kent geen zonsondergang. De lucht blijft
goudkleurig, alsof het leven is gestolen en
vervangen door een vaste glans. De mensen lopen
zonder hoofd, met schouders gebogen onder het
gewicht van herinneringen die nooit zijn gevoeld.
Een meisje uit het arme deel van de stad ontdekt
dat ze kan zien wat anderen niet kunnen:
spiegels die bewegen, stemmen die uit de muur
spreken, en een vrouw die niemand anders ziet.
Ze wordt aangevallen door een groep jongeren die
haar verdenken van voodoo. Ze vlucht naar een
oude bibliotheek, waar ze een boek vindt dat
haar naam bevat. Het boek zegt dat ze de laatste
erfgenaam is van een oud ritueel, een ritueel
dat de stad had moeten vernietigen, maar dat was
vergeten door de tijd. De stad is geen stad,
maar een levend geheugen, een plek waar de doden
nog steeds leven als spiegelbeelden.
De vrouwen van de stad beginnen te verdwijnen.
Elke avond stappen er drie nieuwe vrouwen in de
spiegels, en elke ochtend verschijnen ze weer,
met lege ogen en een nieuwe klank in hun stem.
De meisjes van de straat horen het gerucht dat
een vrouw met gouden ogen terugkomt om wraak te
nemen voor wat de stad heeft gedaan aan haar
familie. Ze vinden haar in de bibliotheek, waar
ze een spiegel openmaakt met een mes van zilver.
De stad reageert. De straten worden smalle
doorgangen, de huizen sluiten zichzelf af. De
vrouwen die de spiegel hebben gezien, beginnen
te hallucineren. Ze herinneren zich dingen die
nooit zijn gebeurd. Een man uit de stad probeert
haar te vermoorden met een stuk glas, maar het
glas breekt in zijn hand, en hij valt neer met
een gescheurde lip. Hij herinnert zich dat hij
zelf een spiegel heeft gebroken, lang geleden,
toen hij haar moeder doodde.
De vrouw uit de stad maakt een keuze. Ze laat de
spiegel open staan, en de stad begint te breken.
De gouden lucht verdwijnt. De mensen beginnen te
zien wat ze altijd al waren: alleen, onzeker,
met een zwaar hart. De laatste spiegel sluit
zichzelf, en de vrouw loopt weg, met niets meer
dan een blauwe kruidenkruid in haar zak. De stad
blijft bestaan, maar nu met een nieuw soort
stilte.


