De man uit de stad komt in het dorp met een map
vol documenten en vragen. Hij spreekt geen woord
tegen de bewoners, maar zet zijn voeten op de
stenen paden en kijkt naar de herdenkingsplaat.
De oudste vrouw in het dorp herkent hem niet,
maar herinnert zich wel de naam die hij nooit
noemt.
Het dorp ligt op een plek waar de elektriciteit
ooit uitviel, en niemand weet waarom. De jonge
burgemeester heeft de energieherverdeling
ingevoerd, maar de huizen blijven donker. De man
begint te zoeken in de kelder van de oude school,
waar een machine staat die niet werkt, maar
wacht.
Hij vindt een briefje dat in het Engels is
geschreven, met een code die niemand begrijpt.
De bewoners kijken toe, zwijgend, alsof ze weten
dat dit gebeurt. De man probeert het te vertalen,
maar de letters vervagen als hij het leest. De
regering heeft verboden om over de oorlog te
praten, en ook over de technologie die erin werd
ontwikkeld.
De man wordt gearresteerd op de markt, zonder
reden. De agenten dragen uniformen met een
symbool dat niemand kent. De burgemeester zegt
dat hij geen recht heeft om te vragen. De man
wordt meegenomen naar een gebouw met ramen die
niet open gaan. Er is geen cel, alleen een kamer
met een tafel en een stoel.
In de nacht laat hij een briefje achter met een
code die hij zelf heeft gecreëerd. Het wordt
gevonden door een jonge vrouw die elke dag bij
het station wacht op iemand die nooit komt. Ze
begrijpt het niet, maar draagt het mee naar huis.
De volgende dag is het dorp leeg. Alleen de wind
maakt geluid in de straat.
De vrouw ontdekt dat de code een adres is. Ze
gaat erheen, en vindt een gebouw dat er al jaren
niet meer bestond. Binnen staat de machine weer
aan, en een stem zegt: "Je bent veilig.
" De man
is er niet, maar de machine herkent haar. De
regering heeft altijd geweten dat deze
technologie bestond, maar heeft het verborgen.
De vrouw blijft daar, en de machine leert haar
alles wat ze wil weten. De regering probeert
haar te vinden, maar ze is al verdwenen. De
machine is een overblijfsel van een tijd waarin
mensen konden communiceren met iets dat niet
menselijk was. De man had het geheim ontdekt,
maar de vrouw heeft het geaccepteerd.
De regering zet een onderzoek in, maar niemand
weet wat ze zoekt. De machines zijn dood, de
codes zijn verloren, en de mensen zijn bang. De
vrouw blijft in het gebouw, en de wind blijft
zingen in de straat.


